Levensbeschrijving


Nettie Steijns-Bromberg (1920-1990) heeft van 1946 tot 1990 in Zuid- Limburg gewoond. Haar vroege werk omvat veel landschappen uit haar omgeving.

In 1961 maakte zij voor het eerst kennis met Israël. Sindsdien keerde zij daar vele malen terug en werd haar landschapskunst voornamelijk door dat land bepaald. Jeruzalem en de woestijn hadden haar bijzondere liefde.

Het belangrijkste element in haar werk is echter het menselijke gezicht. Haar portretten brengen de uitgebeelde persoonlijkheden op treffende wijze tot leven. Zij was diep bewogen door het leed in de wereld en heeft dit op een aangrijpende manier in vele werken tot uiting gebracht.

Sterk bewust van haar jood-zijn heeft zij joodse figuren vaak als onderwerp gekozen.

Paul Bromberg (26-2-1930 - 3-3-2005)

Ir.J.P. Bromberg was de tien jaar jongere broer van Nettie Bromberg.
Zij had geen andere broers of zusters. Hij deelde met Nettie een intense belangstelling voor de muziek maar mist geheel en al haar begaafdheid op het gebied van de beeldende kunsten.
Als persoon was hij in vele opzichten Netties tegendeel, met een geheel andere visie op de maatschappij.
Desalniettemin was er een innige verstandhouding tussen hem en Nettie.

Klik hier voor een uitgebreid biografisch artikel over Nettie Bromberg.

Tijdens haar middelbare schoolopleiding kreeg Nettie Bromberg tekenlessen van Paul Citroen. Daarna volgde zij schilder- en tekenlessen van M.M. van Dantzig, tot diens overlijden in 1960. Van dr. H.L.C. Jaffé kreeg zij kunstgeschiedenis­lessen in 1940/41.

Aanvankelijk wilde zij architect worden en ze volgde daartoe een opleiding bij P.C. Kardol, de Technische School Amsterdam en de MTS, Amsterdam, afd. constructie- en bouwkunde. Meubeltekenlessen kreeg zij van A. Bodon, die evenals Paul Citroen verbonden was aan de Nieuwe Kunstschool te Amsterdam. Gelijktijdig werkte zij bij het Architectenbureau A. Kramer, Amsterdam, van 1938-1939 en bij dat van haar vader, Paul Bromberg, van 1939-1942.

Na verzetswerk en een periode van onderduiken besloot zij in 1945 uitsluitend als kunstschilder te gaan werken.

wandschildering
Wandschildering voor directiekamer Steenkolen Handels Vereniging te Utrecht, ingericht door de vader van de kunstenares, binnenhuisarchitect Paul Bromberg (ca. 1946).

Zij maakte studiereizen naar Belle Isle, Frankrijk, in 1939 o.l.v. de kunstschil­der Kirchenbaum, naar Zweden, in 1945/46, op uitnodiging van de Zweedse rege­ring, naar Italië en Israel, meerdere malen.

Wanddecoraties van haar hand werden aangebracht in de directieketen van de S.H.V. te Utrecht (wandschildering ca.1946), in de woning van de familie Flach te Sneek (wandpaneel ca. 1947), in de directieketen van de fa. Perlstein & Roe­perbosch, Hirschgebouw te Amsterdam (glasschildering gebrand door Tettero­de ca. 1948) en in de ten­toonstelling Jeugd van Nederland, RAI te Amsterdam (1949).

In 1945 kreeg zij de Gerrit van der Veenmedaille voor haar bijdrage aan de ten­toonstelling Kunst in Vrijheid. Omstreeks 1947 was haar portret van Einstein 'schilderij van de week' in het Stedelijk Museum te Amsterdam. Eenmanstentoonstellingen van haar werk werden gehouden in Kriterion, Am­sterdam ( ca. 1952), bij de fa. Polak & Schwarz, Hilversum (na 1954), in het Anne Frankhuis te Amsterdam (na. 1961), in het Cultureel Centrum van de Liberaal Joodse Gemeente te Amsterdam (twee maal, ca. 1976 en 1982) en bij AKZO, Arnhem (na 1981). Nettie Bromberg nam deel aan de tentoonstellingen Het grijs van het potlood te Weert en Kunstenaars van de Voerstreek te Sint-Martens-Voeren, België. Een groot portret dat zij schilderde van Janusz Korczak heeft een permanente plaats gekregen in de tentoonstellingsruimte van de kibbutz van oud-gettostrijders, Lochamei Hagueetaot bij Haifa in Israel.

In haar schilderijen gebruikt Nettie Bromberg subtiele kleurnuances die zij ver­krijgt door glaceren, het over elkaar heen schilderen van meerdere doorschij­nende verflagen. De emulsieverf daarvoor ontwikkelde zij met Van Dantzig. Op aanwijzingen van diens dochter, de restauratrice D.A. van Dantzig, ging zij later over op het gebruik van synthetische harsen, die zij mengde met haar olieverf.

Nettie Bromberg was van 1950 tot 1989 getrouwd met de Eijsdenaar J.H.R. Steijns, die in 1989 op 93-jarige leeftijd overleed. Zij leefde in afzondering, had weinig contact met andere kunstenaars en concentreerde zich op haar werk zonder zich te bekommeren om de bekendheid en de erkenning ervan. Haar levenshouding heeft een sterke invloed ondergaan van de filosofie van Spinoza en diens navolger, Constantin Brunner, die de eenheid, de oneindigheid, het eeuwige en het absolute van de schepping stellen tegenover het relatieve en de beperktheid van de menselijke waarneming ervan. Haar stijl van uitbeelden gebruikt dan ook geen elementen die specifiek van deze tijd zijn maar probeert van alle tijden te zijn, tijdloos.
Daardoor vond zij ook geen aansluiting bij de diverse groeperingen en uitdruk­kingswijzen van haar generatie kunstenaars.

Niettegenstaande haar zwakke gezondheid, die door traumatische ervaringen in de Tweede Wereldoorlog was ondermijnd, heeft Nettie Bromberg buitengewoon hard gewerkt, met een intensiteit die haar persoon karakteriseert. Behalve een honderdtal portretten en andere werken, die thans in particulier bezit zijn, heeft zij een indrukwekkend oeuvre nagelaten van meer dan 200 olie- en emulsie­verfschilderijen, 200 aquarellen en 300 tekeningen.



Kies een galerie

  • BenGurionGetekende portretten
  • MenuhinGeschilderde portretten
  • LochameiHaGetaotRassenwaan en onrecht
  • EijsdenEijsdens landschap
  • JeruzalemIsraelisch landschap
  • NegevWoestijn